Naar Parijs

Als eigenaren van de ABIM werf te Ossenzijl varen wij, Dinie en Peter Oord, ieder jaar met het meest recent gebouwde schip naar een verre bestemming. Ook dit jaar maken wij weer een mooie reis met een ABIM-Classic 118 Exclusive genaamd  “Blauwkous”. Deze naam heeft een bijzondere betekenis voor ons. Dinie is geboren en getogen in Veenendaal (Utr.) en Veenendalers hebben als bijnaam "Blauwkousen". De oorsprong daarvan ligt in de wolindustrie waar Veenendaal destijds bekend om was. Omdat wol vroeger vaak blauw werd geverfd kregen de Veenendalers deze bijnaam.

Heel vaak als we weer eens over een nieuwe scheepsnaam nadachten zei Dinie dat ze graag deze naam zou gebruiken. Echter de laatste jaren hadden we geen blauwe ABIM en om een rode boot deze naam te geven is natuurlijk vragen om commentaar.

Gelukkig werd het dit jaar een ABIM met een blauwe romp, dus .......

Dit jaar willen we naar Parijs, een reis die voor het grootste gedeelte voor ons onbekend is. Zoon Richard heeft, met één van zijn  vrienden,  aangeboden om het schip naar Frankrijk te varen. Zo gezegd, zo gedaan en als we op 5 juli de “Blauwkous” van Richard en Tim in het Franse dorpje Fumay overnemen hebben zij al 70 vaaruren, 475 kilometer en 32 sluizen achter zich. Beiden zijn super enthousiast over de mooie reis, met name het deel door de Belgische en Franse Ardennen vonden ze bijzonder mooi.
Blijkbaar hebben de jongens keihard gewerkt om het schip “in nieuwstaat” aan ons over te dragen, want de “Blauwkous” glimt alsof zij zo uit de showroom is gekomen. Wij verdenken ze er zelfs van dat ze het schip helemaal hebben gepoetst en in de was hebben gezet want ze glimt als een “spiegeltje”.
Motorjacht ABIM Fumay
De “Blauwkous” in Fumay

Als de jongens de auto hebben ingepakt en richting Nederland vertrekken kijken wij elkaar eens aan, want deze vakantie begint toch wel heel anders dan anders. ’s Morgens om 6.00 uur in de auto gestapt en om 11.00 uur aan boord van je schip, midden in de Ardennen in Frankrijk.

We gebruiken de rest van de dag om alles weer opnieuw in te ruimen, want we hadden enkele kasten leeg gehaald om Richard en Tim wat kastruimte te geven, en nemen de tijd om de nieuwe omgeving goed in ons op te nemen. Even later worden we door de eigenaren van 2 andere Nederlandse jachten die voor ons liggen gecomplimenteerd met ons mooie schip. Ook weten zij te vertellen dat Richard en Tim zich gisteren gigantisch uitgesloofd hebben om het schip zo mooi te krijgen. Dat is als ouders toch leuk om te horen en met enige trots nemen we de complimenten in ontvangst. De “buren” vertellen dat zij op weg zijn naar Nederland en wensen ons een goede reis naar Parijs.

Zondag, na wat overleg met een achterbuurman, besluiten we om na hem te vertrekken. Deze buurman vaart samen met een ander jacht en met 3 jachten in de kleine sluisjes kost veel tijd. De ervaring heeft geleerd dat het vaak verstandiger is om een halfuurtje te wachten want dan sluis je lekker alleen en dat is wel zo prettig. Zo gezegd, zo gedaan en ondanks het minder mooie weer, het is grijs en het motregent af en toe, varen we rustig naar Monthermé. Na ca. 5½ vaaruren en 7 sluisjes meren we af aan een voor ons gloednieuwe kade. Terwijl we afmeren worden al welkom geheten door 2 echtparen die ook al weten te vertellen waarom de “Blauwkous” er zo mooi uitziet. Ook zij hebben de jongens zien poetsen en weten ons te vertellen dat ze heel hard gewerkt hebben om het schip zo te laten glimmen. Wij glimmen ondertussen ook, maar dan van trots! Na het afmeren besluiten we om het plaatsje per fiets te gaan verkennen. Vlak bij de aanlegplaats vinden we een bakkerij, dus met de baquette komt het morgenvroeg wel goed. Als we later terug aan boord zijn is de zon gaan schijnen en kunnen we lekker op ons achterdek genieten van de mooie omgeving.

Bij het wakker worden schijnt de zon volop, hetgeen het vakantiegevoel versterkt. Na het droogmaken van het schip, ja we zijn nu helemaal wel verplicht om de “Blauwkous” mooi schoon te houden, gaan we naar de bakker voor een verse baquette. We mogen hiervoor wel € 0,88 neertellen, de vaste prijs die in heel Frankrijk voor dit brood wordt betaald. Om ca. 8.30 uur gaan de trossen los om het laatste deel van de Maas te bevaren voordat we op voor ons “nieuwe wateren” komen. Doel van vandaag is het plaatsje Pont à Bar aan het begin van het Canal des Ardennes. Na 38 kilometer en 6 sluisjes zien we aan de rechterkant van de Maas de hoge spar die de ingang van het kanaal aangeeft.
Motorjacht ABIM Canal des Ardennes
Canal des Ardennes

Op het Canal des Ardennes zouden we nog 2 sluisjes moeten passeren en dan is er een aanlegplaats waar volgens de kaart een watersportwinkel is gevestigd met een tankstation. Als we daar echter aankomen is er geen plekje vrij en nodigen de boten die er liggen ons ook niet uit om ons best te doen om een ligplaats te vinden. Op een enkele boot na is het één en al roest wat er ligt afgemeerd, oude vrachtscheepjes, oude jachten waar de eigenaar blijkbaar jaren niet meer aan boord is geweest, één en al roest. We besluiten om lekker verder te varen en meren ca. 16 kilometer en 4 sluisjes verder af in het plaatse La Cassine. Voor ons ligt een Engelse Narrow boat die zoals de eigenaar ’s avond verteld 18 meter lang is bij een breedte van slechts 2,08 meter. Dit i.v.m. de smalle Engelse kanaaltjes waar het schip ooit voor is gebouwd. Onze Engelse buurman ligt met zijn schip in Frankrijk waar hij de komende 15 jaren ook wil blijven. Hij vraagt of wij morgenvroeg brood nodig hebben, want hij heeft zijn auto hier staan en gaat sowieso naar de 5 kilometer verderop gelegen bakker. Zo’n aanbod slaan wij niet af en zo worden we de volgende morgen om 8.00 uur verrast met een heerlijke verse baquette.

Helaas regent het weer en zal de thermometer vandaag blijven steken op 14 graden Celsius. We gaan naar het anderhalf uur en 2 sluisjes verder liggende Le Chesne, gelegen op ca. +162 mtr. t.o.v. N.A.P. en daarmee het hoogste gedeelte van het kanaal. Morgen dalen we via een sluizentrap van 28 sluisjes naar +80 mtr. t.o.v. N.A.P. Bij Le Chesne bevindt zich ook het 120 hectare grote stuwmeer “Lac de Bairon” dat het hoogste gedeelte van het Canal des Ardennes van water voorziet. Vroeg in de middag brengen we onze vouwfietsen in stelling en fietsen tegen de heuvels op om het stuwmeer te gaan bezoeken. Het meer ligt op ca. 5 kilometer van Le Chesne maar er moeten wel enkele heuvels overwonnen worden voordat we er zijn. Naast de functie van stuwmeer wordt het meer nu ook gebruikt voor toerisme zo zie je aan de oevers van het meer diverse campings en is een deel van het meer opengesteld voor de watersport.  
ABIM Lac de Bairon
Lac de Bairon

Over woensdag 9 juli kunnen we kort zijn 28 sluisjes op een afstand van slechts 16,5 kilometer en vanaf de 2e sluis regen, regen en nog eens regen en dat bij een temperatuur van opnieuw slechts 14 graden. Doordat er een schutting voor ons 2 hele langzame boten varen en wij de hele dag samen moeten schutten met een oud scheepje van een Belgische vaarschool en er ook nog 2 sluisjes storing hebben, meren wij pas 7 ½ uur later af in het plaatsje Attigny. Van dat dorpje hebben we niets gezien want het regenen is overgegaan in stortregen en we hebben na deze dag alleen maar behoefte aan droge kleren en een warme kachel. Om 22.00 uur speelt het Nederlandse elftal in de halve finale van het WK voetbal 2014 tegen Argentinië. Die wedstrijd hebben wij half slapend, half dommelend uitgekeken, maar dat kostte wel enige moeite.

14 juli, de Nationale Franse feestdag, vandaag wordt er geen sluis bediend, brengen we door in de Champagnestad Epernay. Daar nemen we o.a. deel aan een rondleiding door de 18 kilometer lange kelders van een groot champagnehuis Mercier geheten, gelegen aan de “Avenue de Champagne”. Deze 14 juli is het zonnig en ongeveer 22 graden Celsius. Zou de zomer dan ook in noord Frankrijk begonnen zijn?

Na vertrek uit Epernay hebben we voorlopig de Franse kanaaltjes achter ons gelaten en varen nu via de Marne en de Seine verder naar Parijs. We hopen op een mooiere omgeving want de kanalen waarop we de afgelopen 7 dagen vanaf de Pont à Bar op gevaren hebben waren ronduit saai. Aan beide oevers alleen maar bomen en struiken en dat 7 dagen achter elkaar! De 3 tunnels waar we op deze route doorheen zijn gevaren waren soms een welkome afwisseling.   
ABIM Kanaaltjes
Franse kanaaltjes

In de eerste sluisjes die we op de Marne passeren zijn drijvende steigers aangebracht, hetgeen het schutten een stukje gemakkelijker maakt. In de eerste sluis, Cumières, krijgen we weer een afstandbediening om de sluizen zelf te kunnen bedienen. Dat gaat op zich wel heel grappig. De sluismeester komt naar ons toe en verteld dat we de afstandbediening krijgen en vraagt naar de kapitein. Wij dollen een beetje met hem en ik wijs naar Dinie en zeg tegen hem: “Dat is hier aan boord de kapitein”. Hij kijkt even vreemd, maar loopt dan toch naar mij om mij de afstandbediening te overhandigen. Wel leuk dat hij me voor vol aanziet, waarschijnlijk liggen de verhoudingen bij hem thuis nog wat anders.
ABIM Afstandbediening
Wie is de kapitein?

De Marne is inderdaad mooier dan de kanaaltjes van de afgelopen dagen maar ook hier staan aan beide oevers vaak bomen die het uitzicht op de met druivenranken begroeide heuvels verbergen. Bij veel dorpjes zien we mooie steigertjes, waar je af kunt meren. Op één van deze dagen overnachten wij in een onooglijk jachthaventje dicht bij het plaatsje Poincy. Als we het volle haventje binnen komen varen roept een mevrouw vanaf een boot dat er geen plaats meer in de haven is. Als Dinie haar dan vraagt waar de havenmeester is, antwoord ze dat zij de havenmeester is. Terwijl ze dat zegt lijkt ze zich te bedenken en vraagt of we genoegen nemen met een heel klein hoekje van het steigertje net achter haar boot. Als we daarop positief antwoorden slaat ze om als een blad aan de boom. Ze helpt ons met het afmeren, roept ondertussen dat de “Blauwkous” haar boot is en verteld ook nog heel trots dat de haven over wifi beschikt. Als we dan later € 10,00 aan liggeld af moeten rekenen hetgeen incl. stroom, water en wifi is en zij ook nog aanbiedt om morgenvroeg brood voor ons te gaan halen, besluiten we onmiddellijk om haar voor te dragen voor “Havenmeester van het jaar 2014".
ABIM Havenmeester
“Havenmeester van het jaar!”

Als wij uit Poincy vertrekken worden we vriendelijk uitgezwaaid door de havenmeester. Het is al vroeg warm en we varen zo lang mogelijk dicht langs de ook weer met bomen begroeide oevers van de Marne om toch maar zo lang mogelijk in de schaduw te blijven. Langzamerhand worden de oevers opener en verdwijnen de bomen waardoor het uitzicht een stuk mooier wordt. Bij  de plaats Meaux, gaat de rivier nog even over in een gekanaliseerd deel van ca. 12 kilometer waarna we via de tunnel van Chalifert weer terug op de rivier zijn. Je merkt aan alles dat je nu dichter bij Parijs komt. De huizen op de oevers worden steeds mooier en uit alles kun je opmaken dat we meer in de “bewoonde wereld” terug zijn gekomen. Af en toe passeren we speciaal voor kleine vrachtschepen (Spitsen) ingerichte ligplaatsen waar dan een aantal als woonschepen in gebruik zijnde schepen liggen. We meren af in Nogent sur Marne in de gelijknamige jachthaven. Achter ons ligt een replica van een cruiseschip genaamd de Majesty of the Seas. De afmeting van dit schip is 33,50 x 4,75 bij een diepgang van iets meer dan een meter.  Het echte, ook in Frankrijk gebouwde cruiseschip, is exact 8 x zo groot en dit schaalmodel vaart rond over de kanalen en rivieren en kan bezichtigd worden. De luxe jachthaven van Nogent sur Marne biedt verschillende faciliteiten waaronder zelfs een zwembad. Gezien de temperatuur, vandaag is het 31 graden Celsius, wordt daar veel gebruik van gemaakt. Wij besluiten om lekker op ons achterdek onder de bimini te blijven zitten en vooral te genieten van het mooie weer.    
ABIM Majesty of the Seas
Majesty of the Seas

Vandaag nog 1 tunnel en 2 sluizen en dan zijn we op de Seine. In de 2e sluis liggen we naast een Nederlandse spits. De schipper die ziet dat wij uit Ossenzijl komen, komt even een praatje maken en verteld dat hij in Dalfsen, dat ligt ook in Overijssel, geboren is. Al pratende geeft hij nog wat tips over de kanalen tussen Parijs en de Belgische grens waarna we, elkaar een goede reis wensend, afscheid nemen. Als we de sluis uitvaren gaan wij stuurboord- en de Nederlandse spits bakboord uit en varen wij op de Seine. Het eerste deel voert ons nog langs wat industrie, daarna wordt de omgeving mooier. Na een halfuurtje zien we voor ons de torens van de Notre Dame waarvoor wij stuurboord uit moeten om via sluis 9 L ‘Arsenal in de jachthaven Port d’Arsenal te komen. De havenmeester die tevens sluismeester is en die we vorige week al gebeld hebben om ons alvast aan te melden, verteld ons dat de sluis bijna klaar staat om in te varen. Mede daardoor liggen we al om 13.00 uur op een mooie ligplaats vlak bij de ingang van de haven met uitzicht op de Place de la Bastille.         
ABIM Notre Dame
Notre Dame

ABIM Invaart Arsenal
Haveningang

Motorjacht ABIM Place de La Bastile
In de haven

Omdat we al zo vroeg in Parijs zijn besluiten we om, ondanks de hitte van 34 graden Celsius, per fiets de omgeving te verkennen. En zo fietsen we enkele minuten later langs de Seine in de richting van de Place de la Bastille. We besluiten om eerst om in de naaste omgeving van de haven winkels op te zoeken waar we  vanmiddag en morgen wat inkopen kunnen doen. Fietsend langs de Seine, o.a. langs het eiland Saint-Louis en het eiland de la Cité, met daarop de Kathedraal de Notre Dame, valt de hitte ons erg mee. We slaan 2 maal rechtsaf en komen op de Rue de Rivoli met daaraan het gemeentehuis van Parijs. Op het grote plein naast het gemeentehuis staat een soort groot frame van aluminium waar je onderdoor kunt lopen terwijl er lekker fris water op je geneveld wordt. Dit levert leuke reacties op, en genietend van een lekker ijsje bekijken we dit schouwspel enige tijd. Omdat de Rue de Rivoli op dit deel een eenrichtingsweg is lopen we met de fiets aan de hand weer in de richting van de haven. Iets verderop weten we een supermarkt en een bakker. De supermarkt bezoeken we nu, om wat aanvullingen op onze voorraad levensmiddelen te doen, de bakker staat voor morgenvroeg op het lijstje. Hierna kunnen we onze tocht weer per fiets vervolgen en fietsen we langzaam weer terug in de richting van de haven. Aan boord teruggekomen nestelen we ons lekker op het zwemplateau met onze voeten in het water en een drankje in onze handen. ’s Avonds is het erg druk in de haven met o.a. passerende rondvaartboten die door de stad varen. Doordat we dicht bij de  toegangssluis naar de Seine liggen, hebben we de hele avond afleiding genoeg.
Zaterdagmorgen, het is vandaag 19 juli, wordt er eerst een verse baguette bij de bakker gescoord. Daarna snel alles opruimen en op de fiets op “avontuur”. Opnieuw fietsen we langs de Seine en steken bij het eiland Saint-Louis de rivier over. Op het plein voor de Notre-Dame staan al honderden mensen in lange rijen te wachten om naar binnen te mogen. Aan de andere kant van de Seine stoppen we bij de brug “Pont des Arts” en kijken naar de miljoenen hangslotjes die hier aan de railingen van de brug zijn vastgemaakt. Het is de bedoeling om als (verliefd) stelletje een hangslot te kopen, beider namen erin te laten graveren, het slotje aan de brug vast te maken en dan de sleutel in de rivier te gooien. Dit uit Italië overgekomen fenomeen heeft al zulke vormen aangenomen dat men, door het enorme gewicht van de miljoenen hangsloten, vreest voor de stabiliteit van de brug en haar railingen.
ABIM Slotjes
Pont des Arts

We fietsen weer verder tot bij de Eiffeltoren. Onder de enorme toren staand valt pas op hoe enorm hoog dit grootse stalen bouwwerk is. Ook hier staan weer honderden mensen te wachten om, via 1 van de 4 liften in de poten van de toren, omhoog naar een platform of naar de 300 meter hoog gelegen top te gaan.
We zoeken onze fietsen weer op en fietsen weer terug naar de ander oever van de Seine. Daar slaan we rechtsaf en zoeken de Arc de Triomphe op. Met de fiets aan de hand lopen we over de Champs-Elysées en zoeken een terras voor een kopje koffie. Daarvoor plaatsen we onze fietsen op een goede plaats en nemen plaats op het terras van “Chez Clément” met uitzicht op de Arc de Triomphe.

Na de koffie slenteren we verder, kijken in verschillende winkels en genieten van een heerlijke zomerse dag in Parijs. We hoeven niets, we zoeken niets en hebben geen vast omlijnd programma voor deze dag.   

Enige tijd later, het is dan al tegen de klok van één, strijken we neer op een terras waar we willen lunchen. We komen per slot van rekening niet ieder jaar in Parijs. De respectievelijke salade en tosti smaken goed en het terras is gezellig vol. Aan het einde van de middag fietsen we weer terug naar de haven, waar op dat moment naast ons een Zwitsers echtpaar met een stalen schip van een Nederlands merk af wil meren. We helpen hen daarmee door de landvasten aan te pakken. Aan boord gekomen besluiten we om vanavond op het achterdek te gaan Cobben. Eerst zoeken we de koelte van het zwemplateau weer op en met de voeten in het water genieten we van de bewegingen in de haven en in en om de sluis. Achter de boot zwemmen grote vissen en als Dinie wat brood haalt en dit aan hen voert blijkt het een hele familie te zijn, er komen er steeds meer.
ABIM VissenGrote vissen

Als het later op de avond wat koeler is geworden steken we de Cobb aan en brengen de avond door met een lekker stukje vlees en een drankje. Ondertussen vertellen onze Zwitserse buren dat ze onderweg zijn naar de Middellandse zee en daar ca. 6 maanden voor uit getrokken hebben. Ze zijn al vanaf April onderweg en willen de boot ergens in Zuid Frankrijk achterlaten om dan volgend jaar vanaf daar weer verder te trekken.

De volgende morgen als we willen vertrekken blijken de sluisdeuren niet te functioneren, er liggen al 2 rondvaartboten te wachten. Na enige tijd komt er een bestelbusje met daarin 4 mannen die dit probleem op gaan lossen. Er wordt een deur in de sluismuur geopend, waarachter wat techniek zichtbaar wordt. Na enige tijd met elkaar en met de 2 kapiteins van wachtende rondvaartboten “vergaderd” te hebben wordt er een grote jerrycan uit de bus gehaald. De dop wordt eraf gedraaid en alle 4 ruiken aan de inhoud hiervan en knikken dan goedkeurend. Dan gaat een deel van de inhoud van deze grote jerrycan over in een kleinere kan en begeeft 1 van de heren zich met deze kan naar de techniek achter de deur. Daar giet hij de inhoud van deze kan ergens in en keert weer terug bij de bestelbus. 1 van de andere mannen loopt dan naar dezelfde deur, drukt op wat knoppen en ja, de deuren van de sluis openen zich. De mannen kijken zeer tevreden, nemen afscheid van de kapiteins van de rondvaartboten en vertrekken weer.

Hierdoor vertrekken wij pas om 11.00 uur en schutten samen met 2 andere boten naar de Seine. Het is vandaag bewolkt en een stuk koeler dan de laatste dagen. De tocht over de Seine is fantastisch, vanaf de Notre-Dame, tot aan de Eiffeltoren weet je niet waar je moet kijken. Alle bezienswaardigheden van Parijs lijken hier bij elkaar te staan. Direct aan de rechterkant zien we het Louvre, waarna we aan de linkerkant het museum ‘d Orsay en het paleis Les Invalides zien. Ondertussen varen we met een lekker gangetje mee met de rondvaartboten waardoor de rivier best wel wat onrustig is.  Overigens, voor wie wel eens over de Spree door Berlijn gevaren is, de Seine is door haar breedte veel overzichtelijker en rustiger.
ABIM Eiffeltoren
Eiffeltoren

Als we de Eiffeltoren gepasseerd zijn wordt het al snel een stuk rustiger op het water. Door het late vertrek en de wens om vandaag toch een respectabele afstand af te leggen, wordt het 18.00 uur, voordat we afmeren aan een mooi steiger in Conflans, gelegen op de kruising van de Seine en de Oise. Conflans is een plaats waar heel veel Spitsen liggen afgemeerd. Soms wel 3 of 4 breed liggen er over een afstand van kilometers wel honderden.
ABIM Binnenvaart
Veel Spitsen

Na het eten wandelen we nog even door het dorpje om “even de benen te strekken” maar ook om iets van de omgeving te zien. Onderweg zien we een bakker die we morgenvroeg voor vertrek wel met een bezoek gaan vereren.
Motorjacht ABIM Conflans
Conflans

Als we de volgende morgen, nadat we inderdaad de bakker hebben bezocht, vertrekken, slaan we na ca. 500 meter al rechtsaf en varen de Oise op. Deze ca. 300 km. Lange rivier zal ons de komende dagen naar het 120 kilometer verderop gelegen Canal du Nord brengen. Op dit traject zullen we 9 sluizen passeren met maar een totaal hoogteverschil van  17 meter. Omdat het weer wederom niet mee wil werken, het is grijs en grauw en ca. 22 graden, valt de omgeving ook wat tegen. Het eerste deel van de Oise valt nog wel mee, het laatste deel is wat saaier. Op de kruising met het Canal des Ardennes ligt de plaats Eveque, waar we afmeren tegenover een werf waar nog hard aan een Spits wordt gewerkt. Waarschijnlijk wil de schipper van deze Spits zo snel mogelijk vertrekken want ook ’s avonds wordt er nog lang doorgewerkt. Het plaatsje Eveque biedt niet zoveel en de plaatselijke bakker is net met vakantie gegaan. Toch hangt er iets in de lucht, we krijgen het gevoel dat het, ook in deze omgeving, zomer wordt. De avond is heerlijk, de zon begint te schijnen en alles ziet er ineens anders uit. In de loop van de avond komen de eigenaren van de 2 jachten die voor ons liggen een praatje maken. Het zijn Engelsen die samen een reis door Frankrijk maken. Zij zijn nu op de terugreis en stellen voor om morgen met z’n drieën het Canal du Nord op te gaan.

Het Canal du Nord met een lengte van ca. 95 km. en 19 sluizen voert over 2 bergen. Allereerst gaan we middels 4 sluizen ca. 24 mtr. omhoog, waarna we via 3 sluizen weer 13 mtr. zakken. De volgende 5 sluizen brengen ons 27,50 mtr. omhoog naar het hoogste punt van het kanaal. De laatste 8 sluizen laten ons weer 44 meter zakken naar een niveau van ca. 34 mtr. boven N.A.P. Het kanaal kent ook 2 tunnels, de eerste tunnel genaamd "Panneterie" is ca. 1 km., de tweede tunnel, "Ruyaulcourt", is ca. 4,35 km. lang. Opmerkelijk zijn de speciaal voor Pousseurs, koppelverband van 2 Spitsen, gebouwde suizen. Hierdoor hebben deze sluizen een lengte van 91 meterbij en een breedte van slechts 5,95 mtr. Doordat we samen met de 2 Engelsen gaan varen is de kans groter dat we met een alleen varende spits worden geschut dan wanneer we alleen dit kanaal op varen.We vertrekken achter de 2 Engelsen om 8.30 uur om aan de tocht over het Canal des Ardennes te beginnen. Het is nog wat nevelig, maar dat lijkt een goed voorteken voor een stralende dag. 
ABIM EvequeNevelig

De eerste sluis schut ons vrij snel omhoog en ook de tweede sluis staat al klaar voor ons. Het is een vreemd gezicht om deze lange smalle sluizen in te varen. De Engelsen hebben er ook zin in en zo schieten we lekker op en wat nog veel fijner is, voor het eerst hebben we het gevoel echt in Frankrijk te zijn. Het uitzicht over de vlakten is geweldig en de velden zijn goudgeel van het graan terwijl het geheel wordt omzoomd door bergen en heuvels die maar niet dichterbij lijken te komen. Het weer is fantastisch, het wordt een heerlijke warme zonnige dag met een temperatuur die ons al snel doet besluiten om de tent af te breken. Zo varen we door deze prachtige omgeving achter 2 Engelsen door het kanaal richting Pèronne. De jachthaven van Pèronne is min of meer de enige jachthaven op het kanaal dat ook verder geen aanlegplaatsen kent. Eigenlijk is het een snelweg voor Spitsen en Pousseurs en heeft men liever dat de pleziervaart het hiernaast gelegen Canal de Saint-Quentin neemt. 

Als we in Pèronne afmeren zetten we snel de tent en bimini weer op omdat de zon wel erg brandt en als je dan stil ligt zonder vaarwind is dat minder prettig.  Gezien de warmte besluiten we om in de cafetaria op de jachthaven een Kebabschotel te bestellen. Nadat we deze hebben opgehaald installeren we ons met een biertje en de warme schotel op het achterdek. De Engelsen achter ons volgen ons voorbeeld en zo zitten we even later met z’n allen lekker te smullen. Na de afwas kletsen we nog even met onze achterburen die o.a. vertellen hoe ze met hun boot over de Noordzee naar Frankrijk zijn gevaren. Deze avond kunnen we nog lang buiten blijven omdat de temperatuur niet echt uitnodigt om te gaan slapen.

We vertrekken de volgende dag alleen, ons escorte van gisteren besloot om nog een dag in Pèronne te blijven en hebben bij de eerste sluis pech dat er een geladen Pousseur ligt te wachten. Samen schutten lukt niet en waarschijnlijk zal dit koppelverband de hele dag voor ons varen, zodat we echt niet op zullen schieten. Het zou mooi zijn als we dit schip voor de tunnel in kunnen halen, maar dat zal pas na 5 sluizen kunnen, want deze liggen zo dicht bij elkaar dat we tussen de sluizen geen schijn van kans hebben. Tussen de 5e sluis en de tunnel ligt echter een traject van ca. 10 kilometer en met een beetje goede wil …

Als we de sluis in willen varen, we hebben intussen gezelschap van een Belgisch echtpaar met een omgebouwd sleepbootje gekregen, komt er een half geladen Spits aangevaren die achter ons de sluis invaart. Samen passeren we de volgende 5 sluizen en komen dan op het gedeelte van het kanaal voor de tunnel. Na het uitvaren van de sluis gaat “het gas erop” en kijken we uit naar de Pousseur zodat we die voor de tunnel kunnen passeren. Helaas voor ons, de Pousseur komt niet in beeld zodat we haar in de ca. 4 km. lange tunnel nog steeds voor ons zullen hebben.
ABIM tunnel RyaulcourtIngang tunnel

Inderdaad, als we de tunnel zijn ingevaren en aan de duisternis zijn gewend, zien we het heklicht van onze voorganger al snel voor ons. Het gas kan er nu echt af en met een stationair draaiende motor lopen we nog op haar in. Halverwege de tunnel is een verbreding waar, middels verkeerslichten, de doorvaart wordt geregeld. Zo kan er vanaf beide kanten ingevaren worden en kan men de tegenliggers hier passeren, hetgeen natuurlijk tijd bespaart. De goed verlichte tunnel van Ruyaulcourt is een prachtig bouwwerk met schoon metselwerk dat in een boog is gemetseld en aan beide zijden bevindt zich een soort jaagpad. Aangekomen bij de verbreding zien we dat de lichten op rood staan en meren we af achter onze voorganger. Onze Belgische buurman komt even later achter ons liggen en ook de Spits, waarmee we samen sluisden meert af. Het wachten is op de tegenliggers die we in de verte al horen aankomen. Het geluid wordt steeds sterker en inderdaad al snel zien we de navigatielichten van meerdere schepen. Even later passeren er 2 Pousseurs, waarna de lichten voor ons op groen gaan. De Pousseur voor ons maakt iets te vroeg zijn lijnen los en wordt nog net even tegen de laatste tegenligger aangezogen, maar zo te zien is de klap niet al te hevig.
Motorjacht ABIM Passeerplaats
Passeerplaats

De laatste 2 km. van de tunnel gaan op dezelfde wijze als de eerste, af en toe moet de schroef uit haar werk want we lopen anders te snel op onze voorganger in. Als we de tunnel uitkomen komt de schipper van de Pousseur uit zijn stuurhut en wenkt ongeduldig dat we voorbij moeten komen. We geven gas, bedanken hem vriendelijk en zo varen we weer op ons eigen tempo in de richting van de volgende sluis. Nog 7 sluizen en 25 km. en dan zijn we in Arleux op de kruising met het Canal Dunkerque-Escaut  (Duinkerken-Schelde).
ABIM Uit tunnel
Uit de tunnel

Helaas zijn we veel te optimistisch want, zoals later blijkt, het structurele oponthoud in de tunnel zorgt ervoor dat het bij de eerste sluis daarna erg druk is. De schepen die zich in de tunnel verzamelen omdat zij op tegenliggers moeten wachten, komen allen tegelijkertijd bij de volgende sluis aan. Omdat er bij de sluis geen aanleg mogelijkheid is, moeten we ca. 30 minuten dobberen voordat we af kunnen meren om te wachten tot we mee kunnen. Als dat eindelijk lukt zitten we weer in een ritme en passeren zo de volgende sluizen.
ABIM Dubbele sluisDubbele sluis

Onderweg is er geen enkele afmeer mogelijkheid en als dan later ook nog een sluis storing heeft, de deuren willen niet open als we uit willen varen, hebben we het wel een beetje “gehad”.

Om 20.00 uur, we zouden nog 2 sluizen moeten passeren om het Canal du Nord achter ons te laten, zien we een kade bij een parkeerterrein voor vrachtauto’s waar we afmeren. We hebben vandaag 11 uren gevaren en dan begint het veel te veel op werken te lijken en dat in de vakantie!

Onze Belgische medevaarders van vandaag meren ook af en slaken ook een zucht van verlichting. Morgen hebben we een nieuwe dag en nieuwe kansen!

Vandaag, het is vrijdag 25 juli, gaan we naar Lille. Het kanaal is groot en breed en omdat we slechts 5 sluizen hebben is de afstand van 65 km. goed te doen. In Lille aangekomen vinden we een afmeerplek dicht bij het centrum. Achter ons meert een Nederlands motorjacht af die op de heenreis naar Parijs is. We pakken snel de fietsen en bezoeken het centrum van deze mooie stad. Lille is een hele oude stad met een prachtig centrum waar het weliswaar vanwege de keien wel wat lastig fietsen is. Maar de schoonheid van de stad, de leuke (winkel)straatjes en de grote kathedraal zijn het bezoeken zeker waard. Als we een volgende keer weer in Lille afmeren moeten we hier echt meer tijd voor uittrekken.

Onze, naar nu blijkt, Rotterdamse achterburen, blijken hele gezellige mensen te zijn, die al veel met hun boot door Frankrijk gezworven hebben. We nodigen hen uit voor een drankje bij ons aan boord maar dat slaan ze vriendelijk af. Wel krijgen we voldoende tips en adviezen voor de reis door België, genoeg om wel een maand in België te blijven.

Als we de volgende morgen verder varen, de buren blijven nog even liggen, zwaaien we hartelijk naar elkaar als afscheid. Nog enkele sluizen en dan zijn we in België. De plaats waar we vandaag af willen meren is Menen, een grensplaats naar later blijkt midden in het gebied waar een enorme taalstrijd woedt. Een fenomeen waar wij als Nederlanders natuurlijk geen weet van hebben. De jachthaven van Menen is een hele mooie jachthaven, gelegen aan de linkeroever tegenover het centrum van de stad.
ABIM MenenMenen

We zetten onze fietsen op de wal en fietsen over de brug door een drukke winkelstraat op zoek naar een supermarkt. De winkelstraat doet ons denken aan de winkelstraten in de grensstreek met Duitsland in de tijd dat de prijs van o.a. sigaretten in Nederland nog aantrekkelijk was voor onze Oosterburen.  Mensen lopen met tassen vol boodschappen, je hoort Vlaams en Frans door elkaar en de auto’s die we zien hebben zowel Belgische als Franse kentekenplaten. De supermarkt is snel gevonden en voor het eerst sinds 5 juli zien we weer teksten in onze eigen taal op de verpakkingen.

Als we weer aan boord komen besluiten we om vanavond niet zelf te koken maar in het restaurant, dat op de haven uitkijkt, te gaan eten. We lopen naar het restaurant en nemen plaats op het terras en bestellen allereerst een Belgisch biertje waarna we ons eens lekker laten verwennen met een heerlijke maaltijd.

Terug aan boord raken we in gesprek met onze Belgische buren die genieten van hun laatste vakantiedagen. Zij liggen met hun boot in Lage Zwaluwe en zijn van daaruit via de Noordzee naar Duinkerken gevaren en vandaar uit binnendoor weer terug. Omdat zij de vaarwateren goed blijken te kennen vragen en krijgen wij daar weer veel informatie over. Kortrijk is een mooie stad volgens de buurman alleen de jachthaven ligt daar wat voorbij en dan moet je met de fiets terug. Dit is wat andere info dan die we van onze buren in Lille hoorden, maar we zien het wel. We willen morgen naar Kortrijk en dat zou maar een klein stukje varen, zonder sluizen, zijn.

Het is echt zondag voor ons en gezien de korte afstand naar Kortrijk vertrekken we pas om 10.35 uur. Het weer is prima, de zon schijnt lekker en we zijn al om 11.45 uur in Kortrijk. Daar aangekomen zien we dichtbij het centrum een steiger met nog 1 vrije ligplaats aan het steiger, die is dus voor ons.
ABIM in Kortrijk
Die plek is voor ons

We keren de Blauwkous en meren tussen een grote Engelse boot en een Belgisch motorjacht af. Het steiger is lekker laag en gezien het feit dat de romp van de Blauwkous aan bakboord aardig wit van de kalk is heb ik alweer “snode plannen” voor vanmiddag. Ondertussen komen er nog 2 jachten aangevaren die bij de buren gaan “dubbelen” dus we zijn mooi op tijd. Eerst gaan we per fiets Kortrijk verkennen en zoeken snel het centrum op. In het centrum bewonderen we het eerst het gemeentehuis, een groot historisch gebouw met vele torentjes, glas in lood ramen en naast de ramen op de eerste verdieping allemaal beelden. Werkelijk een mooi gebouw, jammer dat we het op deze (zon)dag niet van binnen kunnen bekijken. Waar we wel naar binnen kunnen is in de St. Maartenskerk. We bezichtigen deze prachtige kerk met al haar pracht en praal. Wat leuk is om te laten zien overigens is een bord, dat bij restauratie werkzaamheden in de kerk is geplaatst.
WerfMooie tekst

In de loop van de middag fietsen we weer terug naar de boot, waar Dinie lekker gaat zitten lezen en ik de wit uitgeslagen romp van de Blauwkous schoon ga maken. Omdat het geen “aangenomen werk”is, drinken we af en toe iets waarna we weer verder gaan met onze bezigheden. Een tijdje later glimt de romp weer als nieuw en ruim ik de schoonmaakspullen op. Terwijl ik daarmee bezig ben zie ik de Engelse buurvrouw, die uit de stad terug komt lopen, struikelen en een behoorlijke smak op de stenen maken. Omdat er niemand reageert stuif ik over het steiger, de trap op en help de behoorlijk geschrokken mevrouw weer op de benen. Omdat ze nu heel onzeker en onvast op de benen staat te trillen besluit ik om haar vast te houden en met haar mee te lopen naar de trap die naar het steiger voert. En zo kan het gebeuren dat ik hand in hand met een onbekende Engelse dame door een Belgische stad loopt. Gelukkig heeft Dinie alles gezien en komt ook onmiddellijk helpen zodat ik wat dat betreft niets uit te leggen heb. De buurman komt er intussen ook aangelopen en neemt, terwijl hij ons wel 100 keer bedankt, zijn vrouw van mij over. Wat een sensatie zo op deze zondagmiddag! 

In het centrum van de stad bevindt zich de “K in Kortrijk”, een heel modern overdekt winkelcentrum midden in de stad. Alhoewel de winkels vandaag natuurlijk gesloten zijn fietsen we er deze avond wel even langs. Je kunt maar nooit weten, misschien komen hier nog wel eens terug.

Maandagmorgen regent het en is het weer een stuk kouder. We varen vandaag naar Gent en varen het laatste deel, vanaf Deinze, over de “Oude Leie”. Deze rivier is prachtig om te varen, anders, maar minstens zo mooi als de Utrechtse Vecht. Je komt ogen te kort om alle prachtige huizen en villa’s te bewonderen, er komt geen einde aan. In Gent aangekomen meren we af in het centrum in de jachthaven “Lindelei”.
Gent
Jachthaven "Lindelei"

Als we ons liggeld bij de vriendelijke havenmeester en zijn vrouw hebben betaald lopen we binnen 5 minuten naar het centrum. Langzaam slenteren we door de winkelstraat naar de Korenmarkt. Daar aangekomen zien we één grote bende op het plein, overal plastic, papier en andere rommel op de grond. Als we vragen wat de oorzaak van deze rommel is horen we dat net gisteren de laatste dag van de “Gentse feesten” heeft plaatsgevonden.
De Gentse Feesten schijnt één van de beste festivals van Europa te zijn. Tien dagen lang vinden er verschillende internationale festivals plaats, is er gratis muziek en zijn er honderden binnen- en buiten activiteiten. Het eerste feest vond plaats in 1843 en in 2013 is het door 1,7 miljoen bezoekers bezocht. 


Met deze informatie in ons achterhoofd bekijken we de enorme rommel toch wat anders.

Als we, na in de stad gegeten te hebben, weer aan boord komen meert er net naast ons een groot Belgisch motorjacht af. De eigenaar trekt na het afmeren z’n rubberbootje naar zich toe, klimt erin en probeert een krasje op de romp weg te poetsen. Op mijn vraag daarover antwoord hij dat dit net ontstaan is doordat een afgemeerd werkschuitje, dat niet goed vast lag, tegen zijn schip botste. Zijn poetsmiddel helpt weinig, zodat ik een flesje polijstpasta overhandig om dat eens te proberen. Door de pasta verdwijnt wel de zwarte veeg, waarschijnlijk teer van het werkschuitje, maar de kras blijft nog wel iets zichtbaar. De buurman is echter tevreden met dit resultaat en bedankt ons voor de hulp. We komen met de nieuwe buren in een geanimeerd gesprek en zo vliegt de avond snel voorbij.      


De volgende morgen na het ontbijt, gaat Dinie alleen de stad in omdat ik een aantal dingen aan boord wil doen. Na een paar uurtjes komt ze alweer terug en verorberen we de meegebrachte verse broodjes. “s Middags gaan we samen weer op stap en vermaken ons uitstekend in deze prachtige stad. Het weer is prima hetgeen natuurlijk aanleiding geeft om tussendoor ook eens neer te strijken op een terrasje. De dag vliegt voorbij en met enige weemoed verlaten we het centrum om terug te keren naar de “Blauwkous”.

Vandaag is het weer “vroeg dag” want we gaan naar Antwerpen en het getijde op de Schelde “dwingt” ons om al om 8.00 uur te vertrekken. Als we, nadat we een sluis gepasseerd zijn, op de Schelde zijn aangekomen hebben we de komende 80 km. tot Antwerpen geen sluizen meer. Het is hoogwater en er drijven nogal wat takken en andere rommel in het water. Het is goed opletten om dit zoveel mogelijk te vermijden en zo varen we met de stroom mee naar het Noorden. Heel af en toe zien we een tegenligger, maar verder varen we alleen. Het water zakt snel en de oevers worden steeds viezer om te zien, maar het kan ons niet snel genoeg gaan, zo verheugen we ons op Antwerpen.
ABIM op de Schelde
Op de Schelde

Als we bij Antwerpen aankomen meren we af aan het steiger tegenover de Kattendijksluis. De Kattendijksluis is in 2012 heropend om de pleziervaart, gescheiden van de beroepsvaart, naar de havens van Antwerpen te schutten. Het duurt enige tijd voordat de sluis ons en de andere jachten oproept om te schutten. Uiteindelijk varen we richting het Willemdok, de prachtige jachthaven van Antwerpen. Net voor de jachthaven komt de havenmeester in zijn rubberbootje ons al tegemoet. Aan de hand van het FD nummer, vooraf per e-mail aan te vragen bij de jachthaven, weet hij al hoe lang en breed de “Blauwkous” is waardoor hij ons al buiten de haven een plaats aan kan wijzen. In dit geval wordt het wat moeilijk verteld hij ons want de jachthaven ligt erg vol. Binnenvarend zien we tot onze grote verassing de Aqua-Casa liggen, de ABIM-Classic 138 OK van Ina en Dirk-Jan. Dinie vraagt aan de havenmeester of we daar misschien langszij mogen liggen, omdat dat vrienden van ons zijn. Zo gezegd zo gedaan en terwijl wij aan de Aqua-Casa afmeren komen Ina en Dirk-Jan aangelopen. Na een “stevige begroeting”, we hebben elkaar al enige tijd niet gezien, gaan zij weer terug naar buren waar ze net een borreltje aangeboden hebben gekregen en gaan wij op de fiets naar het Centrum van Antwerpen. Na wat rondgekeken te hebben strijken we neer op een overdekt terras op de “Grote Markt” en bestellen een biertje en wat te eten. Als we later op de avond aan boord terugkeren zijn Ina en Dirk-Jan nog niet aan boord en raken we in gesprek met onze achterburen. Dit zijn zeilers, die samen met hun 2 dochters van ca. 14 en 17 jaar vanuit Zeeland hierheen gevaren zijn. Morgen vertrekken zij weer om via de Westerschelde en de Noordzee de Belgische kustplaatsen te gaan bezoeken. Vanavond echter vertellen zij, zijn hun dochters en zij op de “Amigo”uitgenodigd. De “Amigo” is het 21 grote motorjacht dat aan het kopsteiger ligt afgemeerd. De eigenaar en zijn vrouw, leeftijd 80 plus! kwamen met de dochters van de achterburen in gesprek en gezien de interesse van beide meisjes, volgde dus deze uitnodiging. Als zij inderdaad even later aan boord van de “Amigo” stappen maakt Dinie enkele foto’s van ze. Als ze later het GSM nummer van de buren krijgt kan ze deze foto’s versturen, leuke herinnering voor de buren toch?
AmigoOp de "Amigo"

De volgende morgen worden we op de Aqua-Casa uitgenodigd voor een kop koffie. Daarna gaan we per fiets naar de “Meir”, de grote winkelstraat van Antwerpen. We plaatsen onze fietsen en lopen langs de verschillende winkels naar het einde van de straat. Halverwege besluiten we om een broodje te gaan eten op een terrasje waar we 2 jaar geleden ook al eens gezeten hebben. Daarna slenteren we weer verder, maar halverwege heeft Dinie geen zin meer en stelt voor om lekker terug aan boord te gaan en heerlijk te gaan zitten lezen of iets dergelijks. Het weer is zo mooi zegt ze, waarom lopen we dan in de stad, dat kan altijd nog. Wel stoppen we op de terugweg bij een AH supermarkt, waarna we terugfietsen naar het Willemdok. We nestelen ons lekker op het achterdek, Dinie pakt haar boek en ik rommel op mijn manier wat aan allerlei “zeer belangrijke dingen” waarvan ik vind dat ik dat hoognodig moet doen. De bakskist is een rommeltje en ook de bank op het achterdek, waarin we de fietsen kunnen opbergen, moet schoongemaakt worden. Zo gaat de middag voorbij en voordat we het weten is het 17.30 uur het tijdstip waarop de Londonbrug draait en er weer schepen de haven binnenvaren. Dat is hier in het Willemdok zo leuk, de brugopeningen zijn de momenten waarop groepen schepen de haven verlaten en/of binnenkomen.  

Zo ook vanmiddag, de bel rinkelt ten teken dat de brug bediend gaat worden en de brug gaat open. Van de andere kant komen een aantal jachten de haven binnen gevaren en we zien dat de bemanning daarvan rondkijkt naar de aanlegplaats die de havenmeester hen toegewezen heeft. Opeens zien we een bekend schip de haven binnenkomen, een ABIM-Classic 118 met de romp in een lichte kleur. Als we goed kijken zien we dat dit de “Vennetjes” is, met aan boord de hele familie Van de Ven. Het is wel even wennen voor ons om dit schip in deze kleur te zien, want we hebben haar verkocht met een donkerblauwe romp.


Als ze zijn afgemeerd spreken we met elkaar af dat ze later iets komen drinken op de “Blauwkous”.

Dinie had vanmiddag al besloten dat we lekker op ons achterdek zouden eten, aldus geschiedde. De tafel wordt uitgeklapt en al etende genieten we van het prachtige weer en het uitzicht. Zittend op je achterdek is er altijd wel iets te zien, er gebeurt altijd wel iets om naar te kijken. Soms nemen we ons voor om een boek te pakken om wat te gaan lezen waarna we later moeten constateren dat daar weinig van terechtgekomen is. Dat is nou één van de vele fijne dingen op het water.

Later op de avond komen “De Vennetjes” zoals we ze noemen en hebben we volop de gelegenheid om eens goed bij te praten. Het blijkt dat we elkaar al zeker 4 jaar niet gesproken hebben. Zij hebben nu een vaste ligplaats in een jachthaven in Zeeland en de kinderen zijn zo groot geworden, onvoorstelbaar dat alles zo snel gaat.

De volgende morgen, voor vertrek, moet ik hun boot nog even komen bewonderen, voordat we vertrekken. We varen samen met de AquaCasa die naar Yerseke gaat om, zoals Dirk-Jan het zegt, mosselen te gaan eten. Wij hebben geen concrete plannen en denken aan Tholen, of misschien Willemstad, we zien nog wel.

Dirk-Jan kent de havens van Antwerpen erg goed en meldt tijdens het varen via de marifoon allerlei wetenswaardigheden. Leuk om zo’n gids voor je te hebben het geeft je weer een totaal andere kijk op deze havens.

Als we ons per marifoon bij de havendienst afgemeld hebben ligt het Schelde-Rijnkanaal voor ons. Dit brede rustige kanaal met haar lengte van 32 km. kent 1 sluis, de Kreekraksluis. Aan het begin van het kanaal zien we wederom een voor ons bekend schip, ook een donkerblauwe ABIM-Classic 118, aankomen varen. Dichterbij komend zien we dat het de “Passion” is met aan boord Remco en Yolanda. Die zouden dit jaar een “rondje Nederland” doen en hadden we hier dus niet verwacht. Als wij hen verbaasd via de marifoon oproepen, krijgen we te horen dat de vakantieplannen gewijzigd zijn, vandaar dat we ze nu hier in België te treffen. Wij wensen hen een fijn vervolg van de vakantie en horen even later dat ook Dirk-Jan en Ina zich daarbij aansluiten.

Net voorbij de Kreekraksluis gaat de AquaCasa bakboord uit naar de Oosterschelde. Omdat wij nog steeds niet weten waar we vandaag heen willen, kijken we elkaar eens aan en roepen dan per marifoon de Aqua-Casa op. Op onze vraag of Dirk-Jan en Ina het goed vinden dat we mee naar Yerseke varen, krijgen we een wel zeer enthousiaste uitnodiging om dan ook maar mee uit eten te gaan. De mosselen uit Yerseke aldus Dirk-Jan zijn de lekkerste mosselen die we ooit zullen krijgen. Zo gezegd, zo gedaan, dus terwijl het “gas er nog op staat” gaat het roer naar bakboord en volgen we de “AquaCasa”.


wordt vervolgd
ABIM, Elke haven een thuishaven!

Copyright © 1999 - 2013 | ABIM Yachting B.V.® |  Alle rechten voorbehouden. Prijs en modelwijzigingen voorbehouden
Opdijk 10 - 12 | 8376 HH Ossenzijl |Telefoon 0561 - 477.440  | E-mail

Naar Boven